Verduurzamen!
Amsterdamse woningeigenaren staan voor een grote verduurzamingsopgave de komende jaren. Een groot deel van de woningen die gerenoveerd moeten worden zijn in bezit van corporaties en vve’s en liggen in de naoorlogse wijken. Ook in deze meer recente delen van de stad zijn we zuinig op erfgoedwaarde en bestaande architectonische kwaliteit. In tal van projecten is de afgelopen jaren aangetoond dat renoveren ook kan met behoud van deze waarden en dat er voor bouwkundige uitdagingen vaak slimme oplossingen te bedenken zijn.
Om initiatiefnemers zo goed mogelijk van dienst te zijn is door de Commissie Omgevingskwaliteit, in samenwerking met de directies Ruimte en Duurzaamheid en Wonen gestart met Duurzaam Renoveren. Deze handreiking bestaat uit een toelichting, een matrix en een inspiratieboek. Tegelijk is het ook een uitnodiging om in een vroeg stadium in gesprek te gaan en gezamenlijk de uitgangspunten voor een renovatie te bepalen.
Van Mooi Verduurzamen naar Duurzaam Renoveren
Duurzaam Renoveren is de opvolger van Mooi Verduurzamen uit 2017. Toen werd voor het eerst in overleg met woningcorporaties en vertegenwoordigers van eigen woningbezit een handreiking gemaakt voor het verduurzamen van naoorlogse appartementengebouwen, voornamelijk in Nieuw West.
Mooi Verduurzamen is na negen jaar aan een update toe. De opgave voor verduurzaming, energiebesparing en na-isolatie is actueler dan ooit. Bij corporaties en vve’s bestaat behoefte aan afstemming over de uitgangspunten van omgevingskwaliteit (welstand) bij de beoordeling van renovatieplannen. In het kader van de discussie over de renovatie van de Lodewijk van Deysselbuurt is door de wethouder Woningbouw en Ruimtelijke Ontwikkeling, Reinier van Dantzig, aan de raad toegezegd dat er een update komt van de handreiking. Deze nieuwe versie is opnieuw afgestemd met een klankbordgroep die bestond uit vertegenwoordigers van Rochdale, De Alliantie, Ymere, Eigen Haard, Stadgenoot, Lieven de Key en de AFWC.
Duurzaam Renoveren is een verduidelijking, een verbreding en een verdieping van het oude Mooi Verduurzamen. Het bevat nieuwe voorbeelden en de scope is verbreed naar woningbouwcomplexen uit de jaren ’70 en ’80, vooral in Zuidoost. De handreiking is geen statisch document. Wijzigingen in de welstandsnota of andere beleidsdocumenten kunnen leiden tot aanpassingen. Met betrekking tot het inspiratieboek valt op dat met name het biobased en/ of circulair na-isoleren nog in de kinderschoenen staat. Aan alle gebruikers van deze handreiking de oproep om goede en innovatieve voorbeelden van renovaties met ons te delen.
Verduidelijken
De Commissie Omgevingskwaliteit (COK) adviseert over plannen op basis van de Welstandsnota. In het geval van renovatieplannen is de nota soms abstract, zodat er onduidelijkheid kan bestaan over wat beleidsmatig is toegestaan en wat niet. In Duurzaam Renoveren is de systematiek van Mooi Verduurzamen aangehouden. De reikwijdte van de matrix, een hulpmiddel om de uitgangspunten snel inzichtelijk te maken, is op punten aangepast en de werking wordt uitgebreid tot circa 1985. Een belangrijke wijziging is de relatie met de context van een gebouw. In de matrix is de waardering voor de architectuur op de ordekaarten leidend (WA-waardering). Valt een project binnen een waardevol en samenhangend ensemble of is het project onderdeel van een ingrijpende.
De Waarderingskaarten Architectonische en Stedenbouwkundige kwaliteit zijn onderdeel van de welstandsnota en zijn onder meer te vinden te vinden via maps.amsterdam.nl
Verder onderscheiden we vier geveltypologieën:
1. Metselwerk met gaten: bakstenen gevel waarvan de architectonische geleding wordt bepaald door de verdeling van vensteropeningen en loggia’s.
2. Metselwerk met gaten en ornament: als 1, maar met architectonische detaillering in de vorm van verbijzonderingen, zoals terugliggende/uitstekende delen, sierlijsten en gedeeltelijke andere materialisering van onderdelen.
3. Randen, penanten en invullingen: gevel die bestaat uit een hoofdstructuur van horizontale en verticale lijnelementen die (hoofdzakelijk) is gevuld met puien
4. Systeemgevel: gevel die is opgebouwd uit herhaalbare geprefabriceerde elementen.
Het voorbeeldenboek is uitgebreid met recente voorbeelden van goed uitgevoerde renovaties. Geprobeerd is van elk geveltype en elke ordewaardering een voorbeeld op te nemen.
Verbreden
De Commissie Omgevingskwaliteit adviseert in de eerste plaats over architectuur en stedenbouwkundige inpassing van plannen. Dat gebeurt aan de hand van ‘redelijke eisen van welstand’, die zo goed mogelijk zijn beschreven in de welstandsnota De Schoonheid van Amsterdam (2016). De afgelopen jaren is er met de inwerkingtreding van de Omgevingswet veel veranderd. Aan de ene kant is de opdracht aan de commissie verbreed. Aan de andere kant vraagt het begrip ‘redelijke eisen’ een permanente herijking. Actuele opgaven zijn duurzaamheid, woonkwaliteit en betaalbaarheid. De commissie neemt deze onderdelen mee in haar advisering over architectuur en stedenbouw. Dit is gevisualiseerd in onderstaand spinnenwebdiagram. De definiëring van deze onderdelen is van belang; de essentie ligt vooral in de verbreding zelf in de benadering.
Duurzaam bouwen betekent bouwen op een manier die niet schadelijk is voor toekomstige generaties, geen negatieve impact heeft op het klimaat en een gebruik van materialen met een verantwoorde herkomst. Duurzaamheid is in twee onderdelen opgesplitst: enerzijds het (bekende) streven naar energiebesparing in de woningen (labelstappen/-sprongen), anderzijds de meer brede benadering op het gebied van circulair, biobased en klimaatbestendig renoveren. Circulair renoveren is gebaseerd op de principes van de circulaire economie, waarbij afval en vervuiling worden geminimaliseerd en materialen zo veel mogelijk worden hergebruikt of gerecycled; uiteraard is het handhaven van (zo veel mogelijk onderdelen van) gebouwen de ultieme vorm van circulair renoveren. Biobased renoveren is het gebruik van materialen van plantaardige oorsprong (zoals houtvezel, vlas, hennep, stro, vlas en cellulose) dat voor minimaal 70% bestaat uit hernieuwbare masse. Dit is hard nodig om de CO2-uitstoot binnen de perken te houden, zoals vastgelegd is in het Parijsakkoord.
Klimaatbestendig renoveren tenslotte betekent dat gebouwen en omgeving zo worden aangepast dat ze beter bestand zijn tegen de gevolgen van klimaatverandering, zoals extreme hitte, droogte, wateroverlast en overstromingen.
Daarnaast is er de noodzaak om de kwaliteit van de woningen in de meest brede zin te verbeteren. Dit is een opgave met vele aspecten. In hoeverre wordt de woningkwaliteit verbeterd met de aanpak, in hoeverre wordt het woningaanbod aangepast aan de veranderende woningvraag, is de aanpak gericht op de zittende bewoners en tenslotte kan de aanpak in bewoonde toestand?
Het laatste onderdeel van de brede afweging is de betaalbaarheid van de ingreep. Dit betreft geen kostentoets of iets in die richting, maar het uitgangspunt om met zo weinig mogelijk inzet en middelen een optimaal resultaat te behalen. Soms kun je met iets meer ingrepen veel meer resultaat behalen, vaak is het ook andersom: voor een beetje extra kwaliteit zijn verhoudingsgewijs te hoge investeringen nodig in geld en materiaal. Deze benadering is in lijn met het uitgangspunt van corporaties om een verbeterslag van de woningen door te voeren via planmatig en stapsgewijs onderhoud in plaats voor door middel van één grote ingreep.
De vijf aspecten zijn in onderstaande voorbeeld-spin weergegeven. In het inspiratieboek wordt zo per project snel inzicht gegeven waar de nadruk op ligt door de vorm van het rode vlak dat de beoordeling per aspect met elkaar verbindt. Hoe groter het ‘oppervlak’ van het rode vlak hoe beter, maar in de praktijk zullen we vooral keuzes zien.

Versnellen
Naast verduidelijken en verbreden doet de COK een handreiking om het proces van planvorming en advisering sneller te laten verlopen. Een belangrijke stap is het zo vroeg mogelijk bespreken van initiatieven en plannen. Hiermee kan miscommunicatie en verloren tijd en energie voorkomen worden, doordat al vroeg duidelijkheid ontstaat over de uitgangspunten van een renovatievoorstel en de advisering daarover door de COK.
Naast een formele aanvraag omgevingsvergunning kent de gemeente Amsterdam de mogelijkheid van voorindiening (conceptaanvraag). Daaraan voorafgaand heeft de COK nu ook de mogelijkheid van vooroverleg met de secretaris van een subcommissie en/of overleg met de Adviseur Duurzaam Renoveren. Zij zijn op de hoogte van beleid en advisering in de COK en kunnen de initiatiefnemer in een vroeg stadium adviseren over de aanpak. Vooroverleg en voorindiening zijn niet verplicht, maar maken de behandeling bij de indiening korter en gerichter en het gehele traject efficiënter.
Samengevat:
| 1. | vooroverleg | secretaris/adviseur | advies op uitgangspunten en proces |
| 2. | conceptaanvraag | Commissie | advies op hoofdlijnen |
| 3. | aanvraag omgevingsvergunning | Commissie | definitief advies |